Van Bossuyt verklaart haar politiek cynisme: ‘Ik wil satire over mezelf onmogelijk maken’
door The Vremde Mirror
Minister Anneleen Van Bossuyt komt eindelijk met een verklaring voor haar manier van politiek bedrijven. ‘Ik wil satireschrijvers de mogelijkheid ontnemen om over mij satire te schrijven.’

‘Politici maken allemaal dezelfde fout’, legt Van Bossuyt uit. ‘Nog altijd hebben heel wat politici de neiging om rekening te houden met hun geweten en de waardigheid van mensen op wie hun beleid betrekking heeft. Sorry, maar zo maak je het satireschrijvers natuurlijk heel gemakkelijk. Je moet altijd een stap verdergaan dan wat zij zelf zouden durven verzinnen. In Amerika staat de politiek op dat vlak al een stuk verder.’
‘Ik zie hem daar zo zitten’, lacht Van Bossuyt. ‘Zaterdagmiddag, tijd voor een brainstorm. Op het menu: Anneleen Van Bossuyt die ontdekt heeft dat niet alleen asielzoekers, maar ook leefloners een gedroomde zondebok zijn. Na twintig minuten een eerste kleine ingeving. Van Bossuyt laten zeggen dat we te laks zijn geweest: ‘Als ik minister kan worden, kunnen leefloners ook werken.’ Nee, te flauw. Hij kauwt verder op zijn balpen. Begint op een papiertje te krabbelen. Propje. Prullenbak.’
‘Ik zoek daarbij de grenzen op van wat politiek toelaatbaar is’, geeft Van Bossuyt toe. ‘Door consequent mensen die het al moeilijk hebben het leven zuur te maken bijvoorbeeld. Die kunnen ook niet terugslaan. Dat maakt het politiek gezien bijzonder interessant en ook erg cynisch. Zo cynisch dat je er geen satire meer over kunt schrijven. Of toch niet satire die zich onderscheidt van de werkelijkheid.’
Van Bossuyt wil andere politici inspireren met voorbeelden. ‘Als je bijvoorbeeld eerst bespaart op de opvang van asielzoekers en dan huisbetredingen gaat doen bij mensen die mensen die op straat leven opvangen omdat jij ze als minister niet wilt opvangen, moet je als satiricus al behoorlijk creatief zijn om daar nog iets aan toe te voegen.’
‘Ander voorbeeldje. Als je de OCMW’s overlaadt met taken en hen de gepaste middelen ontzegt en dan zegt dat OCMW’s meer moeite moeten doen om leefloners te activeren, moet je al van goeden huize zijn om als satireschrijver daar nog boven te gaan. Of mooier nog: zeggen dat het je te doen is om illegale migratie keihard aan te pakken en dan opportunistische politiek voeren op kap van dertien studenten met een visum die toevallig uit Gaza komen. Of nog mooier: moslims als vrouwonvriendelijk wegzetten en dan onderhandelen met de Taliban om Afghanen die vluchten voor de Taliban terug naar de Taliban te sturen.’
‘Soms ga ik wel erg ver’, gniffelt ze. ‘Natuurlijk is iemand niet echt zo. Het zegt wel iets dat mensen dat echt geloven, al moet ik nog uitzoeken wat. Ik begrijp dat sommige mensen vinden dat je niet voortdurend meedogenloos naar beneden moet schoppen. Maar dat zou betekenen dat ik satirici een kans geef om naar boven te schoppen. En dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn.’
Niet alleen satirici zitten met een probleem. Eerder schortte The Vremde Mirror berichtgeving over ideetjes uit de koker van Van Bossuyt al op. ‘In het belang van onze geloofwaardigheid. Mensen begonnen te denken dat we overgeschakeld waren op satire in plaats van de werkelijkheid nauwgezet te beschrijven.’
